De principes van traditionele Chinese Geneeswijzen zijn gebaseerd op de begrippen van de oude Chinese natuurfilosofie. De basisgedachte is dat een klacht ontstaat wanneer de balans verstoord is. Door deze te herstellen zal men weer gezond worden.

De meesters in het oude China bestudeerden de natuurlijke processen en bouwden op die kennis hun theorieën die de basis vormen voor de Traditionele Chinese Geneeswijzen (TCM). Deze unieke, veelomvattende en systematische en theoretische structuur omvat onder andere de theorie van de vijf Elementen, het meridiaanstelsel van het menselijk lichaam, Yin-Yang en andere systemen.

Anders dan in het westen is de oriëntatie van de Chinese Geneeswijzen gericht op de gezonde situatie en niet op de kwaal die bestreden moet worden. Het uitgangspunt van de Chinese Geneeswijzen is dus gezond zijn en blijven. Er is in China zelfs een tijd geweest dat de therapeut betaald werd zolang de client gezond was. Dat is een benadering die voor het westerse denken wel even wennen is!

De traditionele Chinese Geneeswijzen heeft dus een erg lange geschiedenis. In tegenstelling tot andere geneeswijzen heeft de Chinese Geneeswijzen zich 4000 jaar ongestoord kunnen ontwikkelen. Hierdoor is ze uitgegroeid tot een zeer uitgebreid en waardevol systeem dat een grote bijdrage kan leveren aan de huidige gezondheidszorg. Chinese Geneeswijzen is in feite niet alternatief. Meer dan 33% van de wereldbevolking maakt er al eeuwenlang dagelijks gebruik van.


Qi of Chi

Qi (ook wel Chi) is een fundamenteel concept in de Chinese Geneeswijzen, doorgaans gedefinieerd als adem, levenskracht, vitale energie of spirituele energie dat deel uitmaakt van alles wat bestaat.


Meridianen

De meridianen (of energiekanalen) vormen het netwerk van kanalen waardoor qi, bloed, vloeistoffen en essentie circuleren. Vaak wordt het netwerk vergeleken met rivieren, beekjes, zeeën en meren.

De functies van de meridianen zijn het transporteren van qi en bloed door en het integreren met het lichaam. Ze vormen verbindingen tussen organen onderling en tussen de organen en bijbehorende weefsels en zintuigen. Ze verbinden boven met onder, links met rechts, binnen met buiten. Naast het voeden van het lichaam met qi en bloed en het verbinden van binnen- en buitenwereld, hebben de meridianen ook een beschermende functie en vormen verschillende energetische niveau's van het lichaam.

Op die meridianen liggen punten waarop de energie-circulatie in het lichaam kan worden beïnvloed. Zo kan een teveel aan qi worden verminderd, een tekort worden aangevuld of kunnen opstoppingen in de circulatie worden opgeheven.

Als er een tekort is of een teveel, of als er sprake is van stagnatie van de levensenergie, ben je ziek. Door dus via de drukpunten invloed uit te oefenen op het energiesysteem, kan een zieke worden genezen.

Dat is, heel in het kort gezegd, wat er gebeurt bij een acupunctuur- of TuiNa behandeling. Bij acupunctuur worden de punten met naalden beïnvloed, bij TuiNa via massage, bij een behandeling met Moxa met een brandend kruid.


Yin en Yang

De theorie van Yin en Yang, gebaseerd op filosofie uit het klassieke China, is een van de meest fundamentele theorieën van de Chinese Geneeswijzen. Volgens deze theorie is de tegenstelling Yin en Yang een fundamentele natuurwet. Alles komt voort uit, wordt ontwikkeld, gemotiveerd en veranderd door de kracht van Yin Qi en Yang Qi. In het universum bestaan verschillende relaties tussen Yin en Yang, zoals tegenstelling, ondersteuning, aanval, onderlinge afhankelijkheid en transformatie. Gezondheid hangt af van een goed evenwicht tussen deze oerkrachten. Bij verstoring kunnen er klachten optreden. Tot de categorie Yang behoren in het algemeen die verschijnselen die dynamisch, extern, opwaarts, stralend en actief zijn of betrekking hebben op functionele kwaliteit. Daarentegen behoren verschijnselen die statisch, intern, neerwaarts, donker of passief zijn of die betrekking hebben op materiële stoffen tot de categorie Yin. In de Traditionele Chinese Geneeswijzen worden deze concepten gebruikt om problemen samen te vatten en te verklaren op het vlak van anatomie, fysiologie, pathologie, diagnose, preventie en behandeling, etc.


De vijf elementen

De vijf elementen zijn: aarde, metaal, water, hout en vuur. De vijf elementen theorie is meer dan 1000 jaar oud. De leer is ontstaan in de Chinese Naturalistische school. De vijf elementen worden beschouwd als processen die voortdurend aan verandering onderhevig, ofwel dynamisch zijn. De processen beschrijven gebeurtenissen die van nature voorkomen.

Water bijvoorbeeld heeft de eigenschap om neerwaarts te bewegen en om nat te maken. Vuur daarentegen verwarmt en heeft de eigenschap om opwaarts te bewegen. De elementen vertegenwoordigen zowel zelfstandige processen als processen die met elkaar in relatie staan. Dat kunnen onderlinge afhankelijkheidsrelaties zijn, scheppende of voedende relaties, of juist vernietigende relaties. Een vernietigende relatie bijvoorbeeld is die tussen vuur en hout.

De vijf elementen theorie heeft ook zijn doorwerking gehad in de theorieën van de traditionele Chinese geneeswijzen. In de Chinese geneeswijzen is elk van onze organen verbonden met één van de elementen. Medicijnen zijn ingedeeld volgens de eigenschappen die ze hebben volgens de leer van de vijf elementen. En ook in de traditionele Chinese voedingsleer is voedsel op deze manier ingedeeld.